Steeds tegen dezelfde muur aanlopen
Over vastlopen in patronen, zorgen voor iedereen en langzaam weer ruimte maken voor jezelf.

Ze is gewend om door te gaan.
Als kind voelde ze al goed aan wat er nodig was om de sfeer thuis rustig te houden. Later werd ze degene die rekening hield met haar partner, haar kinderen en de mensen om haar heen. Ze regelde, dacht vooruit en ving op. Dat ging vaak vanzelf. Haar eigen behoeften kwamen wel een keer.
Tot haar lichaam op de rem leek te trappen.
Ze zit thuis met flinke hoofdpijn aan één kant van haar hoofd. Ze is duizelig en kan haar werk voorlopig niet doen. De klachten maken haar onzeker. Ze vraagt zich af: Waarom nu? En waarom lukt het me niet om gewoon door te gaan?
In een coachtraject vertelt ze ook over haar zoon. Hij liep vast op school. Hij beleeft de wereld anders dan veel leeftijdgenoten en heeft tijd nodig gehad om zijn eigen weg te vinden. Lange tijd voelde zij zich verantwoordelijk om hem te helpen, te beschermen en dingen voor hem op te lossen.
Nu hij door coaching steeds zelfstandiger wordt, verandert er iets tussen hen. Er blijft een lijntje, maar hij heeft haar minder nodig om alles te regelen.
Ze laat die beweging toe. Dat is niet altijd makkelijk, maar ze merkt ook dat het rust geeft. En met die ruimte komt een vraag naar boven die lang weinig plek had: Wat heb ík eigenlijk nodig?
Wat je vroeg leert, neem je soms lang mee
Ze herkent iets van haar eigen moeder. En in verhalen over haar oma en overgrootoma ziet ze vergelijkbare rollen terug: zorgen, inschikken, de boel bij elkaar houden en niet te veel vragen.
Dat betekent niet dat er één vaststaand patroon letterlijk van generatie op generatie wordt doorgegeven. Vaak leren we al vroeg wat nodig lijkt om erbij te horen of de vrede te bewaren. Een kind merkt bijvoorbeeld dat het rustiger wordt als het zich aanpast, weinig vraagt of goed voor anderen zorgt. Zo’n reactie kan op dat moment helpend zijn.
Later kan die manier van overleven blijven doorwerken. Je zegt sneller ja dan je eigenlijk wilt. Je voelt feilloos aan wat een ander nodig heeft, maar bent minder gewend om stil te staan bij jezelf. En als je zelf een gezin krijgt, geef je soms onbewust dezelfde boodschappen door: zorg goed voor elkaar, houd de sfeer goed, maak het anderen niet moeilijk.
Dat gebeurt meestal niet uit onwil. Het zijn manieren van leven die je hebt gezien, geleerd en soms jarenlang nodig hebt gehad. Wat ooit bescherming bood, kan later gaan knellen.
De geschiedenis klinkt soms door
Ook in de bredere geschiedenis van vrouwen zie je hoe weinig ruimte er vaak was voor eigen kennis, stem en keuzes.
Vrouwen waren in veel gemeenschappen actief als genezer, vroedvrouw of kruidenkenner. Tegelijkertijd werden ze in Europa eeuwenlang buitengesloten van formele medische opleidingen, terwijl die opleidingen en beroepsmogelijkheden zich ontwikkelden. De oude kennis verdween, terwijl die juist zacht en natuurlijk was.
Ook de verwachtingen rond hoe een vrouw eruit hoorde te zien en zich hoorde te gedragen, konden letterlijk beperkend zijn. Strak aangesnoerde korsetten konden de ademhaling belemmeren en bij sommige vrouwen bijdragen aan flauwvallen. En er bestonden zogenoemde scold’s bridles: metalen mondstukken waarmee mensen die als lastig of te mondig werden gezien, het spreken moeilijk of onmogelijk werd gemaakt. Ze werden meestal met vrouwen geassocieerd, al werden ze niet alleen bij vrouwen gebruikt.
Dat is geen rechtstreekse verklaring voor de klachten van één vrouw vandaag. Wel laat die geschiedenis zien hoe lang vrouwen hebben moeten zoeken naar ruimte om hun eigen kennis te vertrouwen, hun stem te gebruiken en hun behoeften serieus te nemen. En hoe vrouwen zich eeuwenlang hebben stil gehouden, dienstbaar waren en hun grenzen hebben verlegd.
Rond de overgang kan er bovendien veel veranderen in je leven en in je lichaam. Veranderende omstandigheden en lichamelijke klachten kunnen maken dat doorgaan op de automatische piloot niet meer lukt. Dat bewijst niet waar een klacht vandaan komt, maar het kan wel aanleiding zijn om stil te staan bij wat je al lang met je meedraagt.
Loskoppelen én integreren
In de coaching besluiten we met NEI aan de slag te gaan. Binnen NEI werken we vanuit de gedachte dat emoties die aan een thema gekoppeld zijn, losgekoppeld kunnen worden. Maar daarmee is het proces niet klaar. Wat er tijdens een sessie loskomt of zichtbaar wordt, vraagt ook om integratie in het dagelijks leven.
Daarom kiest ze kleine manieren om die nieuwe bewustwording mee te nemen. Ze maakt dagelijks een dankbaarheidslijstje. Ze neemt een moment om met handoplegging liefdevolle aandacht te geven aan haar hoofd en hart, vanuit Breinsterk en Hartenkracht. Ook de acupressuurpunten die we samen bespreken, kunnen haar helpen om dagelijks stil te staan bij haar lichaam en aandacht te geven aan hoe ze zich voelt.
Niet als een garantie dat haar klachten verdwijnen, maar als manieren om het nieuwe inzicht te laten landen en bewust met zichzelf bezig te zijn.
En minstens zo belangrijk: ze oefent met ruimte laten. Haar zoon mag steeds meer zelf doen. Zij hoeft niet ieder probleem voor hem op te lossen. Dat is geen afstand nemen uit liefde, maar liefde die mee verandert wanneer een kind groeit.
Hier kan iets nieuws beginnen
Het verhaal van deze vrouw staat niet los van de vrouwen vóór haar. Maar ze hoeft hun leven ook niet opnieuw te leven.
Een patroon doorbreken begint soms heel klein: merken dat je jezelf wegcijfert, een grens uitspreken, hulp toelaten of een ander zijn eigen verantwoordelijkheid laten dragen. Niet omdat je vanaf nu alles goed moet doen, maar omdat er langzaam meer keuze ontstaat.
Misschien is dat waar ze nu voor staat. Niet meteen weten hoe het verder moet. Wel voelen dat ze niet meer op dezelfde manier verder kan.
De hoofdpijn en duizeligheid verdienen ondertussen ook de aandacht van een arts. Coaching kan helpen om stil te staan bij patronen en behoeften, maar stelt geen medische diagnose. Bij nieuwe, heftige of aanhoudende klachten is het belangrijk om contact op te nemen met je huisarts.
Voor vrouwen die lang sterk zijn geweest, kan ruimte maken voor zichzelf voelen alsof ze iets afpakken van een ander. Soms blijkt juist het tegenovergestelde: als jij jezelf niet langer kwijtraakt, ontstaat er meer ruimte voor jou én voor de mensen van wie je houdt.
Soms hoef je geen nieuwe talenten te ontdekken. Je mag ontdekken wat er tussen jou en je talent in is komen te staan.





Opmerkingen